THE GREEN EARTH PROJECT

A F R I C A  • De relatie tussen Malaria - Klimaatverandering - Ontbossing en de Plastic Catastrofe zijn onlosmakelijk aan elkaar verbonden. Het 'Green Earth Project' van Drive Against Malaria werd in 1999 opgericht als reactie op de vernietiging van bossen en het gebrek aan actie om dit te voorkomen.

Planting Trees

We moedigen de lokale gemeenschappen aan om belangrijke stappen te ondernemen om hun vitale groene habitat te beschermen en de enorme waarde van natuurlijke voedselbronnen te erkennen. Drive Against Malaria's 'Green Earth Project' heeft in het verleden successen bewezen door duizenden bomen te planten. Dit is een must voor het welzijn voor de mensen zelf om te overleven.
De campagne 'For Every Person a Tree' startte in Zimbabwe na de bezorgdheid van de lokale gemeenschappen over ondervoeding en toenemende warmte. We beïnvloeden het groeiende bewustzijn en de noodzaak om de natuurlijke wereld waarin we leven te beschermen. Door bomen te planten hebben we een enorme impact op de biodiversiteit en creëren we activiteiten om gebieden te bebossen en nieuwe aanplant van vruchten-producerende-bomen. Dit draagt bij aan een groeiende gezondheid om ondervoeding van verzwakte kinderen tegen te gaan.

Plastic catastrofe Afrika

De Atlantische Oceaan ligt aan 21 Afrikaanse landen met rijke viswateren. Maar de oceaan is vervuild met tonnen plastic afval. Alle landen aan de kust van de Atlantische Oceaan zijn getroffen.
Plastic dat aanspoelt vanuit de Atlantische Oceaan vormt een bedreiging voor de natuur en de verspreiding van malaria. Het plastic vangt regenwater op dat een perfecte broedplaats vormt voor de malaria-muskiet. Daarnaast stroomt het plastic vanuit de oceaan via de rivieren landinwaarts en drijft dichtbij de rand van uiterwaarden en rivieren. Het aangespoelde plastic produceert een groot aantal Anopheles Gambiae-volwassenen. Hierdoor groeit het aantal broedplaatsen die malaria verspreiden. 'De armste gemeenschappen leven van de visvangst. Maar wat zij vandaag eten maakt hen ziek en is bovendien bezig onze planeet te verwoesten.' DAM zet lokale activiteiten op, samen met de lokale bewoners om het plastic te verzamelen. Maar het lijkt bijna onbegonnen werk, want de volgende dag spoelt er weer kilo's plastic aan. Toch blijven we ons inzetten de vissersdorpjes schoon te houden.

Inheemse Volken kunnen Klimaatverandering temperen

Inheemse Volken kunnen de klimaatverandering temperen omdat zij de bewakers zijn van de bossen, in harmonie leven met hun natuurlijke omgeving en hierdoor het bos beschermen. Zij benutten de natuur op duurzame wijze. Hun kennis over de natuur vormt eveneens een rijke bron van inspiratie om voedsel te winnen, de wouden duurzaam te beheren en de natuurlijke hulpbronnen te beschermen. Niet alleen de strijd tegen klimaatverandering, maar ook de groene groei heeft er baat bij.
Bossen die door hen beheerd worden gaan nauwelijks verloren. Inheemse volken zorgen voor 80% van alle bossen. Het potentieel is enorm; met 5% van de wereldbevolking - 370 miljoen inheemse mensen wereldwijd - zorgen zij voor 22% van de aardoppervlakte en beschermen zo'n 80% van de overblijvende biodiversiteit. Dit is een sterk voorbeeld dat aantoont dat de stammen klimaatverandering kunnen tegengaan.